COMPTABILITEITSWET 2001 PDF

As We have considered that it is desirable to replace the Comptability Law with new legal provisions on the management of the finances of the Kingdom, including in implementation of the Articles 78 and of the Constitution ;. For instance, we, the Council of State, and with the mean consultations of the States-General, have found good and understood to be 'approve and understand' means of this. Article 28, fourth paragraph , shall be deducted from revenue or expenditure under the same procedure. The budget of the King contains the benefits to the members of the royal house, as well as the expenses that are functionally associated with the kingship. The budget items in which those benefits are included have the character of a non-policy article.

Author:Shakaran Gardanris
Country:Kenya
Language:English (Spanish)
Genre:Health and Food
Published (Last):12 February 2014
Pages:156
PDF File Size:4.97 Mb
ePub File Size:8.28 Mb
ISBN:136-7-46838-395-3
Downloads:55640
Price:Free* [*Free Regsitration Required]
Uploader:Tojara



Voor zover de aanslag geheel of gedeeltelijk betrekking heeft op belastbaar inkomen als bedoeld in artikel 5. Voor zover de navorderingsaanslag geheel of gedeeltelijk betrekking heeft op belastbaar inkomen als bedoeld in artikel 5. In geval van exploitatie van een schip als bedoeld in artikel 3.

Het ingevolge dit onderdeel gewijzigde artikel 3. De drie eerstgenoemde wijzigingen worden hierna toegelicht. De strijd tegen belastingontduiking vormt de achtergrond van dit voornemen. Het totale vermogen van Nederlanders dat buiten het zicht van de Belastingdienst in het buitenland geparkeerd staat, kan niet worden geschat. Deze zogenaamde zwartspaarders weigeren de door hen verschuldigde belasting te betalen, ten koste van andere belastingplichtigen die wel aan hun verplichtingen voldoen.

De context is echter breder. Ook in een internationaal kader, bijvoorbeeld in de bijeenkomsten van de G20, maakt Nederland zich sterk voor de bestrijding van belastingontduiking. Daarbij past het dat de eigen wetgeving een krachtig signaal afgeeft dat belastingontduiking niet wordt getolereerd. Bij ontdekking van verzwegen buitenlandse inkomsten en vermogensbestanddelen door de Belastingdienst wordt de verschuldigde belasting over de afgelopen twaalf jaren alsnog geheven.

Tevens worden de zwartspaarders geconfronteerd met een sanctie, die kan bestaan uit een vergrijpboete. Deze vergrijpboete bedraagt op dit moment maximaal percent van de verschuldigde belasting op de ter zake opgelegde belastingaanslagen. Deze vergrijpboete staat echter naar de mening van het kabinet niet in verhouding tot de ernst van het beboetbare feit.

Daarom verhoogt het kabinet de vergrijpboete tot percent. Mede gelet op de internationale ontwikkelingen en het feit dat de voorgestelde wijziging alleen voor de toekomst geldt, is daarbij spoed geboden. De voorgestelde verhoging van de vergrijpboete wordt beperkt tot het belastbaar inkomen uit sparen en beleggen, bedoeld in de Wet inkomstenbelasting hierna: Wet IB box 3 inkomen.

Geen onderscheid wordt gemaakt tussen box 3 inkomen dat in het buitenland of in Nederland is opgekomen. Het doel is namelijk dat het moedwillig verzwijgen van dit inkomen voor de Belastingdienst steviger moet worden aangepakt. In dat licht is het verstoppen daarvan in de spreekwoordelijke oude sok niet minder ernstig dan het stallen van inkomsten en vermogensbestanddelen op een buitenlandse bankrekening.

Voor de beperking van de vergrijpboete tot het box 3 inkomen bestaat voldoende rechtvaardiging. Dit inkomen is relatief eenvoudig buiten het zicht van de Belastingdienst te houden. Daarnaast is juist bij box 3 inkomen de thans maximaal op te leggen boete naar de mening van het kabinet ontoereikend geworden. Een verhoging van de vergrijpboete tot percent betekent dat het maximum bedrag aan heffing en boete percent van het fictief rendement zal bedragen.

Dit komt neer op 4,8 percent van de gemiddelde rendementgrondslag, zijnde 1,2 percent van de gemiddelde rendementgrondslag plus een maximale vergrijpboete van 3,6 percent.

Benadrukt wordt dat de belastingplichtige thans zelf het risico dat hem een vergrijpboete wordt opgelegd kan wegnemen. In de Algemene wet inzake rijksbelastingen AWR is de inkeerregeling opgenomen. Ook in die gevallen waarin boeteoplegging wel aan de orde komt, moet de hoogte van de boete in verhouding zijn tot de ernst van het beboetbare feit. In dat kader wordt erop gewezen dat het percentage van een maximum is. Als strafverminderende omstandigheden zijn in het BBBB onder meer genoemd een wanverhouding tussen de ernst van het feit en de boete die voortvloeit uit het beleid, en verzachtende omstandigheden die hebben geleid tot het beboetbare feit.

Voorts breng ik in herinnering dat uiteindelijk de rechter een opgelegde boete volledig toetst. Tezamen met alle andere waarborgen rondom de boeteoplegging wordt daarmee afdoende bescherming geboden aan degene aan wie een vergrijpboete wordt opgelegd. De voorgestelde verhoging van de vergrijpboete geldt alleen voor beboetbare feiten die worden begaan vanaf de datum van de inwerkingtreding van het onderhavige voorstel, omdat aan een verhoging van een straf geen terugwerkende kracht kan worden verleend.

Goedkeuring voor uitbreiding faciliteiten zeescheepvaart uit Belastingplan Teneinde het Nederlandse fiscale zeescheepvaartpakket in de breedte aantrekkelijker te maken, regelt het Belastingplan dat de grondslag van de tonnageregeling voor grotere schepen en voor als scheepsmanager werkzame ondernemers wordt verlaagd.

Deze wijzigingen van de tonnageregeling betreffen een intensivering van reeds goedgekeurde staatssteun en moesten derhalve ter goedkeuring worden voorgelegd aan de Europese Commissie.

In het Belastingplan is daarom voorzien in inwerkingtreding bij koninklijk besluit en in de mogelijkheid van terugwerkende kracht. Door deze nadere voorwaarde wil de Europese Commissie voorkomen dat de invoering van de nieuwe lage grondslag voor grote schepen in de tonnageregeling het omvlaggen van grote schepen uit andere lidstaten in de hand zou kunnen werken.

Tevens heeft de Europese Commissie aangegeven dat de maatregelen na tien jaar opnieuw dienen te worden aangemeld. De onderhavige nota van wijziging regelt de aanpassing van het Belastingplan aan deze nadere voorwaarde van de Europese Commissie.

Tevens wordt van de gelegenheid gebruik gemaakt om de wijze van inwerkingtreding van dat onderdeel aan te passen. Bij vierde nota van wijziging op dit wetsvoorstel is een voorstel toegevoegd inzake een tijdelijke uitbreiding van de energie-investeringsaftrek met energie-investeringen in bestaande woonhuizen die bestemd zijn voor anders dan kortstondige verhuur. In dit voorstel was nog geen definitie van bestaande woonhuizen opgenomen. In de onderhavige nota van wijziging wordt deze definitie alsnog toegevoegd.

Bepaald wordt dat onder een bestaand woonhuis wordt verstaan elk woonhuis dat gereed is en geschikt is voor gebruik. Hiermee wordt aangesloten bij de terminologie in de Woningwet en worden woonhuizen die nog in de bouwfase verkeren uitgesloten van de uitbreiding van de energie-investeringsaftrek. Onderdeel I. Artikel IIC artikel 3. Bij vierde nota van wijziging is aan het wetsvoorstel een voorstel toegevoegd, op basis waarvan de energie-investeringsaftrek wordt uitgebreid naar bestaande woonhuizen die bestemd zijn voor anders dan kortstondige verhuur.

Met de onderhavige wijziging wordt het in dat kader voorgestelde artikel 3. Hiermee wordt aangesloten bij de in de Woningwet opgenomen terminologie van bestaande woningen als woningen die niet meer in de bouwfase verkeren. Onderdeel II. Artikel IID artikel 94, vierde lid, van de Comptabiliteitswet.

Onderdeel 2 bevat een louter redactionele aanpassing van de in artikel IID, onderdeel B, onder 2, opgenomen wijziging van artikel 94, vierde lid, van de Comptabiliteitswet Onderdeel III. Artikel IIK artikel 67d van de Algemene wet inzake rijksbelastingen.

Aan artikel 67d AWR, dat de vergrijpboete bij de definitieve aanslag regelt, wordt een lid toegevoegd. Daarin wordt bepaald dat indien een aanslag wordt vastgesteld, omdat het aan opzet van de belastingplichtige te wijten is dat met betrekking tot een belasting welke bij wege van aanslag wordt geheven, de aangifte niet, dan wel onjuist of onvolledig is gedaan, een vergrijpboete van ten hoogste percent kan worden opgelegd over het deel van het bedrag van de aanslag dat betrekking heeft op belastbaar inkomen uit sparen en beleggen box 3 inkomen.

Artikel IIK artikel 67e van de Algemene wet inzake rijksbelastingen. Aan artikel 67e AWR, dat de vergrijpboete bij de navorderingsaanslag regelt, wordt een lid toegevoegd.

Daarin wordt bepaald dat indien een navorderingsaanslag wordt vastgesteld, omdat het aan opzet of grove schuld van de belastingplichtige te wijten is dat met betrekking tot een belasting welke bij wege van aanslag wordt geheven, de aanslag tot een te laag bedrag is vastgesteld of anderszins te weinig belasting is geheven, een vergrijpboete van ten hoogste percent kan worden opgelegd over het deel van het bedrag van de navorderingsaanslag dat betrekking heeft op belastbaar inkomen uit sparen en beleggen box 3 inkomen.

Artikel IIK artikel 69 van de Algemene wet inzake rijksbelastingen. Het onjuist of onvolledig doen van een aangifte is niet alleen een vergrijp, maar tevens een strafbaar feit. De straf bestaat uit een geldboete of gevangenisstraf. Daarmee is bewerkstelligd dat de door de strafrechter op te leggen boete gelijk is aan, of ten minste in evenwicht is met de vergrijpboete, die had kunnen worden opgelegd indien geen strafvervolging was ingesteld. Om dit evenwicht te bewaren wordt de door de strafrechter op te leggen geldboete eveneens gesteld op driemaal het bedrag aan te weinig geheven belasting, voor zover de onjuistheid in of de onvolledigheid van de aangifte betrekking heeft op belastbaar inkomen uit sparen en beleggen box 3 inkomen.

Artikel IIL overgangsbepaling vergrijpboete. De voorgestelde verhoging van de vergrijpboete geldt alleen voor beboetbare feiten die worden begaan vanaf de datum van de inwerkingtreding van dit voorstel, omdat aan een verhoging van een straf geen terugwerkende kracht kan worden verleend. Het bovenstaande geldt mutatis mutandis eveneens voor de voorgestelde verhoging van de geldboete met betrekking tot strafbare feiten.

Dit onderdeel bevat een aanpassing van artikel I, onderdeel D, van het Belastingplan en van de inwerkingtreding van het laatstgenoemde onderdeel. Daarnaast zijn enkele wetstechnische wijzigingen aangebracht. Mijn abonnementen Inloggen. Aankondigingen over uw buurt Zoals bouwplannen en verkeersmaatregelen. Naar aankondigingen over uw buurt. Dienstverlening Zoals belastingen, uitkeringen en subsidies. Naar dienstverlening. Contactgegevens overheden Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.

Naar overheidsorganisaties. Staatsblad, Staatscourant en Tractatenblad worden met ingang van 1 juli als pdf-bestanden uitgegeven. De hier aangeboden pdf-bestanden van deze bladen vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Grondwet.

EL OVILLO DE ARIADNA PDF

Vaste commissie voor Financiƫn

De commissie is tevens belast met de controle op de juiste besteding door de regering van de begrotingsmiddelen. Deze taak was tot 8 november ondergebracht bij de op die datum opgeheven Commissie voor de Rijksuitgaven. De commissie adviseert ook andere vaste commissies bij vraagstukken op het gebied van de begroting en de verantwoording en omtrent de procedureregeling voor grote projecten. De commissie houdt zich eveneens bezig met zaken betreffende de Comptabiliteitswet en onderhoudt de contacten met de Algemene Rekenkamer.

DUOFIX UP320 PDF

comptabiliteitswet (CW) (1 gevonden)

The privatization process in the Netherlands is not regulated by a specific framework law. The legislation applicable to the acquisition and sale of enterprises by the state is included in the Government Accounts Act Comptabiliteitswet , which among other things establishes the prerogatives of Parliament: it must be informed in advance for the setting up of a new public enterprise, or subsequently for the sale of a public company, and in the event that it raises objections the operation can be implemented only through a lex specialis. Administration and divestment procedures of entirely state-owned companies or those in which the state has an interest are disciplined by the ordinary commercial legislation contained in Book II of the Civil Code Burgerlijk Wetboek. In particular, Articles and of Section 12 of the Civil Code set out the rules for appointment of the representatives of the public authorities in the governing bodies of state-owned enterprises. Government Accounts Act Comptabiliteitswet , Country section. Atlas map.

AMILOIDOSIS MACULAR PDF

.

Related Articles